Hieronder plaatsen we alle masterproefonderwerpen die open staan. Contacteer ons bij interesse door een mail te sturen naar: mieke.embo@ugent.be


Nieuwe technologie: een eerste exploratie naar percepties bij studenten, mentoren en stagebegeleiders ivm gebruik van ‘speech-to-txt’  technologie op de werkplek.
Studenten ervaren dat ze te weinig constructieve feedback krijgen terwijl begeleiders op de werkplek zeggen dat ze veel feedback geven maar dat studenten deze niet altijd ontvangen. Ook is er in ziekenhuizen te weinig tijd om feedback te geven. Eén van de mogelijkheden om deze problemen op te lossen is het gebruik van technologie, vb door mondeling gegeven feedback op te nemen en via spraak-taal technologie automatisch in een ePf op te nemen.
Het doel van deze studie is om te onderzoeken bij studenten, mentoren en stagebegeleiders hoe zij kijken naar deze nieuwe technologie en of zij bereid zouden zijn om feedback te laten opnemen. Het is de bedoeling om persoonlijke meningen in kaart te brengen, alsook om een eerste beeld te krijgen van alle elementen waarmee rekening moet gehouden worden bij de ontwikkeling en implementatie van deze technologie in het Scaffold-ePortfolio.


Nieuwe technologie: een eerste exploratie naar percepties bij professionals in het werkveld ivm gebruik video technologie op de werkplek.
Studenten ervaren dat ze te weinig constructieve feedback krijgen terwijl begeleiders op de werkplek zeggen dat ze veel feedback geven maar dat die niet altijd ontvangen wordt door de student. Ook is er in ziekenhuizen te weinig tijd om feedback te geen. Eén van de mogelijkheden om deze problemen op te lossen is het gebruik van technologie, vb door momenten van zorgverlening op te nemen met video technologie. Er zijn al opleidingen in binnen- en buitenland die daarvan gebruik maken en het SBO-SCAFFOLD project heeft ook als doel om deze technologie in te zetten.
Het doel van deze studie is om te onderzoeken bij studenten, mentoren en professionals hoe zij kijken naar deze nieuwe technologie en of zij bereid zouden zijn om handelingen te laten opnemen en daarop reflectie en feedback te formuleren. Het is de bedoeling om persoonlijke meningen in kaart te brengen, alsook om een eerste beeld te krijgen van alle elementen waarmee rekening moet gehouden worden bij de ontwikkeling en implementatie van deze technologie in het Scaffold-ePortfolio.


Nieuwe technologie: een eerste exploratie naar percepties bij professionals in het werkveld ivm gebruik van smartphones op de werkplek.
De ontwikkeling en implementatie van ePortfolios die gebruik maken van de mobile-technologie is de laatste jaren enorm gegroeid. Literatuur beschrijft mogelijke toepassingen van een smartphone op de werkplek, alsook de effecten op het leerproces van de student. Niettegenstaande deze inzichten weten we dat ziekenhuizen een verschillend beleid hanteren ten aanzien van het gebruik van smartphones om educatieve doeleinden door studenten.  
Aangezien het Scaffold-ePortfolio gebruik wil maken van de mobile technologie heeft dit onderzoek als doel om in ziekenhuizen na te gaan welk beleid gevoerd wordt en welke percepties leven bij de begeleiders van studenten.
Hoe kan het onderwijskundig continuüm tijdens de stage en over de stages heen optimaal in beeld gebracht worden in ePortfolios
Een groot probleem voor huidige ePortfoliogebruikers is dat ze onvoldoende ondersteunen bij het visualiseren van de competentiegroei tijdens de stage, alsook over de stages heen. Toch is het faciliteren van competentiegroei net één van de meerwaarden dat een ePortfolio kan bieden. In de literatuur is goed beschreven wat het belang is en hoe dit kan gefaciliteerd worden (oa. door gebruik te maken van learning analytics). In bestaande ePortfoliodesigns in binnen- en buitenland zijn ‘good practices’ te vinden.
Het doel van deze masterproef is om te vertrekken bij een analyse van bestaande designs, deze te koppelen aan de literatuur en van daaruit aanbevelingen te doen voor het SBO-SCAFFOLD project zodat deze kunnen meegenomen worden in de ontwikkeling van de Proof-of-Concept.
Vaardigheden op de werkplek: concept en vormgeving in ePortfolios
Vaardigheden zijn een belangrijk onderdeel van competentiegerichte opleidingen in de gezondheidszorg. Ze moeten dus ook een juiste plaats krijgen in het portfolio. In de literatuur vinden we verschillende visies en concepten betreffende vaardigheidstraining op de werkplek terug. Afhankelijk van deze visie en concepten zal het ePortfolio een ander design krijgen.
Het doel van deze masterproef is om:

  1. de visies en concepten betreffende vaardigheidstraining in de literatuur op te zoeken (oa.vaardigheden en competentiegericht opleiden, vaardigheden als Entrustable Professional Activities,…);
  2. te beschrijven op welke manier vaardigheden in bestaande ePortfolios vorm krijgen;
  3. de lijst van vaardigheden visualiseren en zo nodig actualiseren;
  4. te onderzoeken welke visie en concepten gehanteerd worden in de specifieke opleiding of context;
  5.  te onderzoeken met gebruikers wat het gewenste ePortfolio design is in de specifieke opleiding of context;

ePortfolio en het matchinggesprek in de opleiding bachelor in de logopedie van Arteveldehogeschool
Achtergrond: De opleiding bachelor in de logopedie werkt met een digitaal portfolio (ePortfolio, Medbook). Het design bevat de functionaliteit om bij de start van een stage een matchinggesprek te faciliteren. Concreet betekent dit dat de student, mentor en stagebegeleider bespreken welke professionele activiteiten (vb. intakegesprek voeren, …) geoefend kunnen worden op de stageplaats. Een goede match bevordert een optimale competentiegroei (leerproces) tijdens de stage. Op het einde van de stage wordt beoordeeld of de competenties verworven zijn, dus of de student de professionele activiteiten op een deskundige manier kan uitvoeren.
Probleem: De opleiding heeft geen zicht op het verband tussen de aangevinkte (bij start) en verworven professionele activiteiten (bij afsluiten). Deze informatie is beschikbaar in het ePortfolio maar werd nog niet onderzocht.
Doel masterproef: Aan de hand van de gegevens uit het ePortfolio het verband tussen start en afsluiten stage onderzoeken. Dit kan op niveau van een stageperiode maar ook op niveau van de volledige opleiding.


ePortfolio en data-analyse van Professionele Activiteiten in de opleiding logopedie Arteveldehogeschool: studeren studenten af met alle Professionele Activiteiten op zak?
Achtergrond: De opleiding bachelor in de logopedie werkt met een digitaal portfolio (ePortfolio, Medbook). Het design bevat de functionaliteit om beroepstaken te registreren, te monitoren en te evalueren. In de literatuur spreekt men over Entrustable Professional Activities (EPA’s), te vertalen als goed omschreven beroepstaken die de mentor aan een student toevertrouwt, wanneer deze heeft laten zien de taak zelfstandig aan te kunnen. Er wordt verwacht dat de student op het einde van de opleiding alle EPA’s verworven heeft. Of nog, dat de student daar in de praktijk op beoordeeld werd.
Probleem: De opleiding heeft geen zicht of studenten bij afstuderen effectief alle EPA’s op stage verworven heeft. Deze informatie is beschikbaar in het ePortfolio maar werd nog niet onderzocht.
Doel masterproef:

  • Aan de hand van data-analyse onderzoeken in welke mate studenten op het einde van de opleiding EPA’s verworven hebben.
  • Literatuurstudie: wat met professionele activiteiten die niet in de praktijk geoefend en beoordeeld werden?

ePortfolio en data-analyse van Professionele Activiteiten in verhouding tot competenties in de opleiding logopedie Arteveldehogeschool?
Achtergrond: de opleiding bachelor in de logopedie heeft een competentiegericht curriculum. De literatuur toont aan dat het moeilijk is om competenties te vertalen naar de praktijk. De theorie van O. ten Cate e.a. introduceert het concept van Entrustable Professional Activities (EPA’s) om de vertaalslag te faciliteren. Digitale portfolios kunnen de informatie ordenen volgens EPA’s of competenties en op die manier de groei op niveau van EPA en competentie visualiseren.
Probleem: er is geen zicht op de relatie tussen EPA’s en competenties in het digitaal portfolio.
Doel masterproef:

  • Literatuurstudie: relatie EPA en competentie in digitale portfolios
  • Aan de hand van data-analyse onderzoeken of de selectie van EPA’s en de koppeling aan de competenties goed gebeurt.
  • Onderzoeken in welke mate het digitaal portfolio deze koppeling ondersteunt.

ePortfolio en feedback kwaliteit in de opleiding logopedie Arteveldehogeschool
Achtergrond: De opleiding bachelor in de logopedie werkt met een digitaal portfolio (ePortfolio, Medbook). Eén van de voordelen van een ePortfolio is dat schriftelijke feedback online kan gegeven worden. Student kan op elk moment feedback vragen, én mentor en stagebegeleider kunnen feedback geven op een moment dat voor hen geschikt is. Ook hebben student, mentor en stagebegeleider op elk moment toegang tot dezelfde feedback-informatie.
Probleem: Niettegenstaande de faciliterende feedback-mogelijkheden van een ePortfolio blijft het vragen en geven van feedback moeilijk. Om de kwaliteit van feedback te verbeteren wil de opleiding eerst een zicht krijgen op de kwaliteit en kwantiteit van de feedback in het huidig portfolio.
Doel masterproef: Een nulmeting doen aan de hand van kwalitatieve en kwantitatieve data-analyse van ePortfolio.


Analyse intercollegiale consulten ifv onderwijskundige kwaliteitsverbetering. Ondersteunt een digitaal portfolio het intercollegiaal consult als onderdeel van programmatisch toetsen?
Achtergrond: de huidige literatuur van programmatisch toetsen op de werkplek toont aan dat het belangrijk is om op talrijke momenten en manieren informatie te verzamelen (formatieve beoordeling) en op bepaalde momenten summatieve beoordelingen in te bouwen (milestones). Belangrijke beslissingen gebeuren best tijdens intercollegiaal overleg (consult).
Probleem: de literatuur is beperkt naar de methodiek om zo een intercollegiaal consult te organiseren en de wijze waarop beslissingen kunnen genomen worden.
Doel masterproef:

  • Exploreren van de literatuur van programmatisch toetsen in relatie tot de methodiek van het intercollegiaal consult.
  • Welke processen spelen zich af in zo een intercollegiaal consult?
  • Wat is het effect van het gebruik van een digitaal portfolio op de kwaliteit van een intercollegiaal consult?

Competency mapping – app development (Co-promotor Oona Janssens)
Achtergrond: Binnen de gezondheidszorgopleidingen hebben studenten na hun basisopleiding de mogelijkheid om door te stromen naar een vervolgopleiding. Dit is het geval bij HBO5-studenten verpleegkunde die doorstromen naar een bachelor opleiding verpleegkunde maar ook bij bachelor opgeleide studenten die willen doorstromen naar een masteropleiding of een andere bacheloropleiding. Elke opleiding hanteert eigen vooropgestelde competenties die bereikt moeten worden door de student aan het einde van de opleiding. Vaak zijn er overeenkomsten tussen de competenties van de basisopleiding en die van de vervolgopleiding. Door deze competenties in kaart te brengen, is het mogelijk om de student beter te ondersteunen doorheen zijn traject.
Probleem: De overeenkomsten en verschillen tussen de opleidingen worden vaak niet in kaart gebracht en het mappen van de competenties van de ene opleiding aan die van de andere opleiding is meestal afwezig.
Doel masterproef: Het bedenken en ontwikkelen van een hulpmiddel bv. een app die de competenties van verschillende opleidingen matcht waardoor het onderwijskundig continuüm ondersteund kan worden.


‘e-Workplace Learning Portfolios and Continuous Professional Development’ – literature review (Co-promotor Oona Janssens)
Achtergrond: Het effect van ePortfolio gebruik op de competentie-ontwikkeling voor afstuderen is wetenschappelijk aangetoond in de literatuur van het onderwijs in de gezondheidszorg. Onderzoek toont aan dat het gebruik van een ePortfolio levenslang leren (Continuous Professional Development, CPD) kan ondersteunen en optimaliseren.
Probleem: Het effect van ePortfolio gebruik op de competentie-ontwikkeling na afstuderen is nog weinig onderzocht in de algemene gezondheidszorg.
Doel masterproef: Het exploreren van ePortfolio-gebruik en ‘good practices’ in functie van het ondersteunen van CPD aan de hand van een literatuurstudie om zo aanbevelingen te doen voor de ontwikkeling van een digitaal portfolio na afstuderen.


Exploring the levels of proficiency, used in ePortfolios – literature review (Co-promotor Oona Janssens)
Achtergrond: Binnen de gezondheidszorgopleidingen is het bereiken van competenties het grootste doel van elke student. Deze competenties worden meer en meer ingebed in een ePortfolio. Doorheen het opleidingstraject kunnen competenties getraind worden waardoor na een tijd de competentie als ‘bereikt’ kan worden beoordeeld. Het competentie-verhaal is vaak niet zwart-wit. Tussen het niet-bereikt en wel-bereikt ligt een continuüm. Dit continuüm wordt gezien als de groei van een student doorheen zijn/haar traject en de verschillende mogelijke niveaus worden ook wel ‘levels of proficiency’ genoemd.
Probleem: De groei van de student, gedefinieerd als ‘levels of proficiency’, is vaak  niet of impliciet aanwezig. Dit betekent dat het aspect van competentiegroei niet zichtbaar kan gemaakt worden in een ePortfolio. Of nog, ePortfolio kan het leerproces van continue competentiegroei niet optimaal faciliteren.
Doel masterproef: Het onderzoeken van het gebruik van ‘levels of proficiency’ in ePortfolios aan de hand van bestaande literatuur om ‘good practices’ in het weergeven van groei (en de visualisatie ervan) uiteen te zetten.


Exploring the needs of employers to use ePortfolios to support Continuous Professional Development (CPD) (Co-promotor Oona Janssens)
Achtergrond: Het nut van ePortfolio gebruik binnen de gezondheidszorgopleidingen is meermaals onderzocht en positief bevonden. Bovendien toont onderzoek aan dat het gebruik van een ePortfolio levenslang leren kan ondersteunen en optimaliseren. De werkgever vormt een spilfiguur in het levenslang leren.
Probleem: Er zijn onvoldoende studies in de literatuur van de gezondheidszorg die het perspectief van de werkgever ten opzichte van het design en de functie van een ePortfolio ter bevordering van Continuous Professional Development (CPD) onderzoeken.
Doel masterproef: Met deze masterproef willen we onderzoeken wat de noden zijn van werkgevers in het kader van ePortfoliogebruik voor de ondersteuning van CPD’ Dit kan onderzocht worden aan de hand van interviews met werkgevers.


Ontwikkelen van een masterproef leerplatform (digitaal portfolio) voor MSc studenten Diergeneeskunde: een analyse van de noden van studenten en promotoren.  
Studenten Diergeneeskunde werken de laatste 2 jaren van hun opleiding aan een masterproef I (2de MSc) en II (3de MSc). Studenten moeten hierbij op een korte tijdspanne verschillende competenties verwerken (opzoeken van relevante informatie; opzetten van experimenten; ingeven, analyseren en voorstellen van bekomen data; en het helder presenteren en verdedigen van de thesis). Het doel van deze verkorte Educatieve MSc is om de noden van zowel de studenten en promotoren in kaart te brengen, met het ontwikkelen van een leerplatform als ultieme doel.  
Promotor: Prof. B. Levecke; co-promotor: dr. Mieke Embo